Professioneel

Interesse in uw onderneming

Innovatief

Home » Nieuws

Aanmelden voor de digitale nieuwsbrief

Financieel nieuws

30-07-2020
Rentevordering te verrekenen met rekening-courantschuld

Een geldlening van een aanmerkelijkbelanghouder aan de vennootschap waarin hij een aanmerkelijk belang heeft, valt onder de terbeschikkingstellingsregeling van box 1 van de inkomstenbelasting. De ontvangen rente is progressief belast. Een eventuele waardevermindering van de vordering wegens oninbaarheid komt in beginsel ten laste van het belastbare inkomen.

Een dga sloot in privé een kredietovereenkomst met een bank. Per ultimo 2013 bedroeg de schuld aan de bank ruim € 3,3 miljoen, inclusief bijgeschreven rente over 2013. De dga leende het geld door aan zijn bv. In 2013 werd € 190.923 aan rente op het doorgeleende geld aan de bv in rekening gebracht. De dga en de bv hadden daarnaast een onderlinge rekening-courant. In de rekening-courantovereenkomst was een verrekeningsbepaling opgenomen. Volgens deze bepaling werden de wederzijdse opeisbare vorderingen en schulden opgenomen in de rekening-courant en van rechtswege verrekend. De rekening-courantschuld van de dga aan de bv bedroeg op 1 januari 2013 € 5,6 miljoen. De bv ging in het voorjaar van 2013 failliet.

De vraag was of de dga de rentevordering van € 190.923 ten laste van zijn belastbare inkomen kon afwaarderen. In navolging van de inspecteur oordeelden de rechtbank en Hof Den Haag dat dit niet het geval was. De rentevordering was niet oninbaar, omdat deze kon worden verrekend met de schuld in rekening-courant van de dga aan de bv. De Faillissementswet maakt het mogelijk dat iemand die zowel schuldenaar als schuldeiser van de gefailleerde is, zijn schuld met zijn vordering op de gefailleerde verrekent indien de schuld en de vordering zijn ontstaan vóór de faillietverklaring of voortvloeien uit handelingen die voor de faillietverklaring met de gefailleerde zijn verricht.

Nog los van de mogelijkheid tot verrekening die de Faillissementswet biedt, had de dga die mogelijkheid op grond van de rekening-courantovereenkomst met de bv.

De rentevordering kon niet ten laste van het resultaat uit de terbeschikkingstellingsregeling worden afgewaardeerd. De vraag of de lening die de dga aan de bv heeft verstrekt al dan niet onzakelijk was hoefde niet beantwoord te worden.

Bron: Hof Den Haag | jurisprudentie | ECLINLGHDHA20201320, BK-19/00529 | 30-07-2020

Terug

Kantoornieuws

Optimale telefonische bereikbaarheid

Om onze relaties (telefonisch) gerichter te woord te staan, maken wij vanaf vrijdag 1 maart jl. gebruik van een keuzemenu in onze telefooncentrale. Zo kunt u er in dit menu rechtstreeks voor kiezen om een medewerker van de afdeling loonadministratie te…

Lees meer

Machtiging vooraf ingevulde aangifte inkomstenbelasting

Wanneer Dinkelberg & Kuipers voor u de aangifte inkomstenbelasting 2018 verzorgt, dan vragen wij bij de Belastingdienst een machtiging aan om de vooraf ingevulde gegevens van uw aangifte inkomstenbelasting te mogen raadplegen. Uiteraard worden deze…

Lees meer

Dinkelberg & Kuipers opent kantoorlocatie in Veghel

Dinkelberg & Kuipers Accountants en Adviseurs opent per 1 februari 2019 een kantoorlocatie in Veghel. Met deze vestiging wil het vooruitstrevende kantoor een vraag uit de markt vervullen en de huidige relaties in Meierijstad bedienen.De nieuwe locatie biedt ruimte…

Lees meer

Dinkelberg & Kuipers officieel erkend RB-kantoor!

Met gepaste trots berichten wij dat Dinkelberg & Kuipers zich vanaf heden een officieel erkend RB-kantoor mag noemen. Het Register Belastingadviseurs (RB) heeft de hiervoor ingediende aanvraag goedgekeurd. Het RB is met ruim 7.500 leden dé beroepsvereniging…

Lees meer
Share This